Site Tools


aftrek:afnemer_van_de_prestatie

Differences

This shows you the differences between two versions of the page.

Link to this comparison view

Both sides previous revisionPrevious revision
Next revision
Previous revision
aftrek:afnemer_van_de_prestatie [2024/03/04 09:14] – [3.2 Rechtsbetrekking] avdoesumaftrek:afnemer_van_de_prestatie [2025/08/22 18:28] (current) – [4.Literatuur] avdoesum
Line 54: Line 54:
 ===3.1 Vermoeden afnemer (i.h.k.v. verschuldigdheid?)=== ===3.1 Vermoeden afnemer (i.h.k.v. verschuldigdheid?)===
  
-[[http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:2744|Hof Amsterdam, 14 september 2021, nr. 19/01235, ecli:NL:GHAMS:2021:2744]] \\+  * Hof Amsterdam, 19 januari 1977, nr. 17963, BNB 1977/64 (Verontreinigingsheffing, schatting - redelijke verdeling bewijslast) 
 +  * HR 27 januari 1993, nr. 28258, BNB 1993/110 ( 
 +  * HR 2 december 2011, nr. 43813, FED 2012/26, V-N 2011/66.19, NTFR 2011/2864 
 +  * [[http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:2744|Hof Amsterdam, 14 september 2021, nr. 19/01235, ecli:NL:GHAMS:2021:2744]] \\ **5.2.** Ter beantwoording van de vraag of belanghebbende afnemer is van de diensten verricht door de in 5.1 genoemde dienstverleners, moet worden onderzocht of zij rechtsbetrekkingen met hen is aangegaan ingevolge welke de diensten zijn verricht (vergelijk Hoge Raad 1 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1173, rechtsoverweging 2.3.2, en Hof van Justitie 20 juni 2013, Newey, C653/11, ECLI:EU:C:2013:409, punten 40 tot en met 46). Bij dit onderzoek is niet van doorslaggevende betekenis of zijzelf dan wel een ander in eerste instantie de opdracht tot het verrichten van de diensten heeft verstrekt. Het ligt veeleer in de rede te beoordelen of belanghebbende partij is bij rechtsbetrekkingen als hiervoor bedoeld op het moment dat de dienst wordt verricht in de zin van artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet OB 1968. Eerst dan vindt immers het belastbare feit plaats en moet (definitief) worden bepaald wie afnemer is. Dit brengt met zich dat belanghebbende, ook als de opdracht tot dienstverlening in eerste instantie is verstrekt door een ander, afnemer van de dienst kan zijn geworden door in de plaats van die ander te treden, mits dit is geschied uiterlijk op het tijdstip waarop de dienst is verricht. \\ **5.3.** Voor het bewijs van het afnemerschap is van belang dat het behoudens tegenbewijs ervoor moet worden gehouden dat degene die in een factuur wordt genoemd als degene aan wie de op die factuur omschreven dienst is verleend, de afnemer is van die dienst (vergelijk Hoge Raad 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU6535). Het tegenbewijs kan, zoals te doen gebruikelijk bij vermoedens, worden geleverd door feiten en omstandigheden te stellen, en zo nodig aannemelijk te maken, die redelijke twijfel erover doen ontstaan of degene die wordt vermoed afnemer te zijn, dit ook daadwerkelijk is (vergelijk Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:63, rechtsoverweging 3.5.3). Anders dan de inspecteur in wezen betoogt en de rechtbank in punt 28 van haar uitspraak in wezen heeft overwogen, is tegendeelbewijs dus niet vereist om het vermoeden omtrent de persoon van de afnemer te ontzenuwen. 
 +  * Interne PwC Notitie over deze zaak ({{ :aftrek:220304_interne_notitie_-_gerechtshof_amsterdam_19-01235.pdf |PDF}} / {{ :aftrek:220304_interne_notitie_-_gerechtshof_amsterdam_19-01235.docx |Word}})
  
-5.2. Ter beantwoording van de vraag of belanghebbende afnemer is van de diensten verricht door de in 5.1 genoemde dienstverleners, moet worden onderzocht of zij rechtsbetrekkingen met hen is aangegaan ingevolge welke de diensten zijn verricht (vergelijk Hoge Raad 1 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1173, rechtsoverweging 2.3.2, en Hof van Justitie 20 juni 2013, Newey, C653/11, ECLI:EU:C:2013:409, punten 40 tot en met 46). Bij dit onderzoek is niet van doorslaggevende betekenis of zijzelf dan wel een ander in eerste instantie de opdracht tot het verrichten van de diensten heeft verstrekt. Het ligt veeleer in de rede te beoordelen of belanghebbende partij is bij rechtsbetrekkingen als hiervoor bedoeld op het moment dat de dienst wordt verricht in de zin van artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet OB 1968. Eerst dan vindt immers het belastbare feit plaats en moet (definitief) worden bepaald wie afnemer is. Dit brengt met zich dat belanghebbende, ook als de opdracht tot dienstverlening in eerste instantie is verstrekt door een ander, afnemer van de dienst kan zijn geworden door in de plaats van die ander te treden, mits dit is geschied uiterlijk op het tijdstip waarop de dienst is verricht.+----
  
-5.3. Voor het bewijs van het afnemerschap is van belang dat het behoudens tegenbewijs ervoor moet worden gehouden dat degene die in een factuur wordt genoemd als degene aan wie de op die factuur omschreven dienst is verleend, de afnemer is van die dienst (vergelijk Hoge Raad 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU6535). Het tegenbewijs kan, zoals te doen gebruikelijk bij vermoedens, worden geleverd door feiten en omstandigheden te stellen, en zo nodig aannemelijk te maken, die redelijke twijfel erover doen ontstaan of degene die wordt vermoed afnemer te zijn, dit ook daadwerkelijk is (vergelijk Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:63, rechtsoverweging 
  
-3.5.3). Anders dan de inspecteur in wezen betoogt en de rechtbank in punt 28 van haar uitspraak in wezen heeft overwogen, is tegendeelbewijs dus niet vereist om het vermoeden omtrent de persoon van de afnemer te ontzenuwen. 
  
 ===3.2 Rechtsbetrekking=== ===3.2 Rechtsbetrekking===
Line 78: Line 80:
 ---- ----
  
-===3.3bIdentiteit afnemer===+===3.3 Identiteit afnemer===
  
   * B2 Engergy \\ 13. Volgens de verwijzende rechter heeft het Hof in het arrest van 9 december 2021, Kemwater ProChemie (C‑154/20, EU:C:2021:989), erkend dat is voldaan aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor het recht op btw-aftrek wanneer de belastingdienst, in het geval dat de identiteit van de leverancier niet is vastgesteld, over de nodige informatie beschikt om na te gaan of deze leverancier btw-plichtig is. (…)   * B2 Engergy \\ 13. Volgens de verwijzende rechter heeft het Hof in het arrest van 9 december 2021, Kemwater ProChemie (C‑154/20, EU:C:2021:989), erkend dat is voldaan aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor het recht op btw-aftrek wanneer de belastingdienst, in het geval dat de identiteit van de leverancier niet is vastgesteld, over de nodige informatie beschikt om na te gaan of deze leverancier btw-plichtig is. (…)
Line 85: Line 87:
 ---- ----
  
 +===3.4 Afnemer: betaling en contract===
 +
 +  * Conclusie Kokott, Latvijas Informācijas un komunikācijas tehnoloģijas asociācija, C-87/23  \\ **32**. Aangezien de btw tot doel heeft de uitgaven te belasten die de afnemer van een dienst maakt voor een consumptiegoed, kan deze ontvanger in beginsel worden bepaald door uit te gaan van de persoon die voor de dienst heeft betaald. Deze laatste draagt namelijk de overeenkomstige kosten omdat de dienst voor hem een verbruikbaar voordeel vormt dat hij heeft ontvangen. In het algemeen blijkt uit de contractuele bepalingen wie de ontvanger van de dienst is \\ **36**. Aangezien de presterende ondernemer in het btw-recht als belastingontvanger voor rekening van de staat optreedt(10), moet om te bepalen wie de prestatie verricht in beginsel worden uitgegaan van de persoon die de tegenprestatie heeft ontvangen. De reden hiervoor is dat alleen deze persoon de in de tegenprestatie begrepen btw aan de staat kan afdragen. In het algemeen blijkt dit eveneens uit de contractuele bepalingen. (…)
 +
 +
 +----
 +
 +  * HvJ 8 februari 2007, nr. C-435/05, Investrand
 +  * Hof Amsterdam, nr. 06/00072, V-N 2007/18.1.5 (Geen aftrek kosten adviezen DGA)
 +  * 
  
 ====4. Literatuur==== ====4. Literatuur====
  
   * Jeroen Bijl, VAT Deduction: The Relevance of Being ‘The Recipient’ of a Supply and the Use of the Supply, EC Tax Review 2020-5 \\ {{ :aftrek:2020_10_13_-_jeroen_bijl_-_vat_deduction_recipient_supply_-_ec_tax_review_2020-5_-_ecta2020049.pdf |EC Tax Review 2020-5}}   * Jeroen Bijl, VAT Deduction: The Relevance of Being ‘The Recipient’ of a Supply and the Use of the Supply, EC Tax Review 2020-5 \\ {{ :aftrek:2020_10_13_-_jeroen_bijl_-_vat_deduction_recipient_supply_-_ec_tax_review_2020-5_-_ecta2020049.pdf |EC Tax Review 2020-5}}
 +  * G.C. Bulk, Wereldwijde contracten en btw, Btw Brief 1998, nr. 2
  
 ---- ----
  
aftrek/afnemer_van_de_prestatie.1709540082.txt.gz · Last modified: by avdoesum