Site Tools


verschuldigdheid:ten_onrechte_in_rekening_gebrachte_btw

Differences

This shows you the differences between two versions of the page.

Link to this comparison view

Both sides previous revisionPrevious revision
Next revision
Previous revision
verschuldigdheid:ten_onrechte_in_rekening_gebrachte_btw [2025/08/01 16:29] avdoesumverschuldigdheid:ten_onrechte_in_rekening_gebrachte_btw [2026/03/01 12:28] (current) avdoesum
Line 15: Line 15:
   * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62002CJ0078|Maria Karageorgou]] \\ HvJ 6 november 2003, Gevoegde zaken C-78/02 tot C-80/02, Elliniko Dimosio tegen Maria Karageorgou (C-78/02), Katina Petrova (C-79/02) en Loukas Vlachos (C-80/02), ECLI:EU:C:2003:604, V-N 2003/58.17, r.o. 40-42 \\ **40.**  Op basis van dit uitgangspunt moet de conclusie luiden, dat de betrokken vertalers in casu niet zelfstandig een economische activiteit uitoefenen in de zin van artikel 4, lid 4, van de Zesde richtlijn, zodat zij geen belastingplichtigen in de zin van lid 1 van hetzelfde artikel zijn. Bijgevolg zijn de diensten die zij voor het ministerie van Buitenlandse Zaken verrichten, op grond van artikel 2, punt 1, van deze richtlijn niet aan BTW onderworpen. \\ **41.** \\  Wanneer deze vertalers bij vergissing een BTW-bedrag vermelden op facturen voor dergelijke diensten, kan dat bedrag bijgevolg niet als BTW worden aangemerkt. \\ **42.** \\ Op de eerste prejudiciële vraag moet derhalve worden geantwoord, dat het BTW-bedrag dat een persoon die voor de staat diensten verricht, op een factuur vermeldt, niet als BTW moet worden aangemerkt wanneer de betrokkene bij vergissing denkt dat hij deze diensten als zelfstandige verricht, terwijl er in werkelijkheid een verhouding van ondergeschiktheid bestaat.   * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62002CJ0078|Maria Karageorgou]] \\ HvJ 6 november 2003, Gevoegde zaken C-78/02 tot C-80/02, Elliniko Dimosio tegen Maria Karageorgou (C-78/02), Katina Petrova (C-79/02) en Loukas Vlachos (C-80/02), ECLI:EU:C:2003:604, V-N 2003/58.17, r.o. 40-42 \\ **40.**  Op basis van dit uitgangspunt moet de conclusie luiden, dat de betrokken vertalers in casu niet zelfstandig een economische activiteit uitoefenen in de zin van artikel 4, lid 4, van de Zesde richtlijn, zodat zij geen belastingplichtigen in de zin van lid 1 van hetzelfde artikel zijn. Bijgevolg zijn de diensten die zij voor het ministerie van Buitenlandse Zaken verrichten, op grond van artikel 2, punt 1, van deze richtlijn niet aan BTW onderworpen. \\ **41.** \\  Wanneer deze vertalers bij vergissing een BTW-bedrag vermelden op facturen voor dergelijke diensten, kan dat bedrag bijgevolg niet als BTW worden aangemerkt. \\ **42.** \\ Op de eerste prejudiciële vraag moet derhalve worden geantwoord, dat het BTW-bedrag dat een persoon die voor de staat diensten verricht, op een factuur vermeldt, niet als BTW moet worden aangemerkt wanneer de betrokkene bij vergissing denkt dat hij deze diensten als zelfstandige verricht, terwijl er in werkelijkheid een verhouding van ondergeschiktheid bestaat.
  
-  * P GmbH II, C-794/23 \\ **26.** Hieruit volgt dat de toepassing van artikel 203 van de btw-richtlijn slechts afhankelijk is van de vraag of er sprake is van gevaar voor verlies van belastinginkomsten, hetgeen __moet worden beoordeeld op basis van een specifieke factuur__ en niet kan afhangen van de vraag of de betrokken diensten van de betrokken belastingplichtige niet alleen voor niet-btwplichtigen, maar ook voor andere btw-plichtigen zijn verricht. Om te beoordelen of dat gevaar bestaat, moet dus worden nagegaan of de ontvanger van de factuur daadwerkelijk btw-plichtig is en bijgevolg het recht op aftrek van voorbelasting kan doen gelden.+  * P GmbH II, C-794/23 \\ **26.** Hieruit volgt dat de toepassing van artikel 203 van de btw-richtlijn slechts afhankelijk is van de vraag of er sprake is van gevaar voor verlies van belastinginkomsten, hetgeen __moet worden beoordeeld op basis van een specifieke factuur__ en niet kan afhangen van de vraag of de betrokken diensten van de betrokken belastingplichtige niet alleen voor niet-btwplichtigen, maar ook voor andere btw-plichtigen zijn verricht. Om te beoordelen of dat gevaar bestaat, moet dus worden nagegaan of de ontvanger van de factuur daadwerkelijk btw-plichtig is en bijgevolg het recht op aftrek van voorbelasting kan doen gelden. \\ **31.** Bijgevolg moet het begrip „eindverbruikers die geen recht op aftrek van voorbelasting hebben” strikt worden uitgelegd __en moet ervan worden uitgegaan dat dit gevaar bestaat wanneer de ontvanger van een onjuiste factuur een belastingplichtige is__, zelfs wanneer deze de betrokken dienst voor privédoeleinden of voor andere doeleinden waarvoor geen recht op aftrek bestaat, heeft gebruikt. 
 + 
 +  * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62024CJ0101|XyRality]] \\ HvJ 9 oktober 2025, C-101/24, Finanzamt Hamburg-Altona tegen XYRALITY GmbH, ECLI:EU:C:2025:764 \\ **56** In dit verband moet er echter op worden gewezen dat, zoals de advocaat-generaal in punt 67 van zijn conclusie heeft opgemerkt, artikel 203 van de btw-richtlijn een functioneel verband heeft met het recht op btw-aftrek, aangezien het beoogt het gevaar uit te schakelen dat belastinginkomsten verloren gaan doordat de aftrek te hoog wordt aangegeven. Uit de gegevens in de verwijzingsbeslissing blijkt evenwel dat de diensten in het hoofdgeding niet zijn verricht ten behoeve van belastingplichtigen voor bedrijfsdoeleinden, maar ten behoeve van niet-belastingplichtigen. Artikel 203 van de btw-richtlijn is derhalve niet van toepassing, aangezien er geen gevaar bestaat dat belastinginkomsten verloren gaan als gevolg van het recht op aftrek van ten onrechte gefactureerde btw. In die omstandigheden is het feit dat de in het hoofdgeding aan de orde zijnde orderbevestigingen niet als facturen kunnen worden beschouwd, zoals Xyrality in haar schriftelijke opmerkingen betoogt, irrelevant voor de beslechting van het hoofdgeding. 
 + 
 +  * Terracult (C-835/18, EU:C:2020:520, punten 22 en 23). In die zaak heeft het Hof geoordeeld dat de omstandigheid dat de leverancier van een goederenlevering ten onrechte btw in rekening heeft gebracht niet afdoet aan de toepasselijkheid van de btw-verleggingsregeling. 
 + 
 +  * Conclusie van advocaat-generaal J. MARTÍN Y PÉREZ DE NANCLARES van 29 oktober 2025, Zaak T‑638/24, Finanzamt Österreich - D GmbH \\ **64.** Wanneer dat gevaar is weggenomen, is artikel 203 van richtlijn 2006/112 niet langer van toepassing.(38) __Volgens de rechtspraak is dit met name het geval wanneer de belastingdienst de ontvanger van de facturen definitief het recht op aftrek heeft geweigerd__.
  
 ---- ----
 +
 +===1.1 Aansprakelijkheid o.g.v. 203 Btw-RL wanneer je zelf van standpunt verandert?===
 +
 +  * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62024CJ0101|XyRality]] \\ HvJ 9 oktober 2025, C-101/24, Finanzamt Hamburg-Altona tegen XYRALITY GmbH, ECLI:EU:C:2025:764 \\ **55** De verwijzende rechter merkt op dat Xyrality in casu eerst aan X toestemming had gegeven om haar in de orderbevestigingen als dienstverrichter aan te wijzen en om daaraan tegenover de eindafnemer btw-gevolgen te verbinden en de Duitse btw in aanmerking te nemen als de btw die van toepassing is op de diensten, maar dat zij vervolgens het tegenovergestelde standpunt heeft ingenomen tegenover de belastingdienst. G__elet op het tegenstrijdige gedrag van Xyrality zou dus kunnen worden aangenomen dat deze onderneming op grond van artikel 203 van de btw-richtlijn nog steeds aansprakelijk is voor de afdracht van de btw, teneinde het gevaar uit te schakelen dat belastinginkomsten verloren gaan als gevolg van een negatief bevoegdheidsconflict tussen de Duitse en de Ierse belastingdienst, waardoor de btw in geen van beide lidstaten definitief zou worden geheven.__
 +
 +
 +----
 +
 +===Samenloop nummer-icv en 203 btw===
 +
 +  * C-696/20, B. Dyrektor Izby Skarbowej w W. (Onjuiste kwalificatie van ketentransacties), ECLI:EU:C:2022:528
 +  * T-638/24, D GmbH (samenloop nummer-icv en 203 btw)
 +
 +
 +----
 +
  
 ====2. Regelgeving==== ====2. Regelgeving====
Line 25: Line 47:
 ====3. Jurisprudentie==== ====3. Jurisprudentie====
  
-ReemtsmaDanfoss, Farkas and HUMDA+===3.1 Overzicht jurisprudentie=== 
 + 
 +  * Genius Holding 
 +  * Schmeinck Strobel 
 +  * Petroma 
 +  * Stroy Trans 
 +  * LKV 56 
 +  * Optigen 
 +  * EN.SA.C‑712/17 
 +  * RusedespredC‑138/12 
 +  * Terracult, C‑835/18 
 +  * Stadeco 
 +  * Weber’s Wine World 
 +  * Comateb 
 +  * Maria Karageorgou (C-78/02) 
 +  * P (Tankkaarten), C-48/20 
 +  * P sp z0.0, C442-22 
 +  * P GmbH, C-378/21 
 +  * P GmbH II, C-794/23 
 + 
 +Zie ook: 
 + 
 +  * Reemtsma 
 +  * Danfoss 
 +  * Farkas  
 +  * HUMDA
  
 ---- ----
verschuldigdheid/ten_onrechte_in_rekening_gebrachte_btw.1754058567.txt.gz · Last modified: by avdoesum