Table of Contents
Invoer
1. Aantekeningen
1.1 Parallellisme / Economisch Circuit
* Hauptzollamt Braunschweig
HvJ 18 januari 2024, Zaak C-791/22, G.A. tegen Hauptzollamt Braunschweig, ECLI:EU:C:2024:59, r.o. 30.
30. Het is juist dat het Hof heeft geoordeeld dat, gelet op het door artikel 71, lid 1, tweede alinea, van richtlijn 2006/112 bevestigde parallellisme tussen de btw bij invoer en de douanerechten (zie in die zin arrest van 10 juli 2019, Federal Express Corporation Deutsche Niederlassung, C‑26/18, EU:C:2019:579, punt 41), naast de douaneschuld tevens een btw-schuld kan ontstaan indien op basis van het onrechtmatige gedrag waardoor die douaneschuld is ontstaan, kon worden aangenomen dat de betrokken goederen in het economische circuit van de Unie zijn gebracht en dus mogelijkerwijs zijn verbruikt, welke handeling aan btw is onderworpen [arrest van 8 september 2022, Hauptzollamt Hamburg (Plaats waar de btw ontstaat – II), C‑368/21, EU:C:2022:647, punt 26 en aldaar aangehaalde rechtspraak].
1.2 Rente op achterstallen invoer
1.3 Artikel 23
- J.D. Boonstra en H.W.M. van Kesteren, Aftrek van btw bij invoer – beschikkingsmacht gaat boven bedrijfseconomische noodzaak?, TFO 2024/190.2
‘(…) Daarnaast kan de verschuldigdheid van invoer-btw ex artikel 23 wet OB naar de ‘bestemmeling’ van de goederen worden verlegd, zodat geen invoer-btw aan de grens is verschuldigd maar in de periodieke btw-aangifte wordt voldaan. In tegenstelling tot de schuldenaar in het douanerecht, wordt voor de toepassing van artikel 23 wet OB geen onderscheid gemaakt tussen (on)regelmatige transacties; in beide gevallen kan de verschuldigdheid van invoer-btw naar de bestemmeling worden verlegd.17’
Voetnoot 17: HR 4 september 1991, 27227, BNB 1992/2, r.o. 3.4.
2. Regelgeving
3. Jurisprudentie
- Federal Express
HvJ 10 juli 2019, Zaak C-26/18, Federal Express Corporation Deutsche Niederlassung tegen Hauptzollamt Frankfurt am Main, ECLI:EU:C:2019:579, V-N 2019/35.19 - Hauptzollamt Hamburg
HvJ 8 september 2022, Zaak C-368/21, R.T. tegen Hauptzollamt Hamburg, ECLI:EU:C:2022:647 - Hauptzollamt Braunschweig
HvJ 18 januari 2024, Zaak C-791/22, G.A. tegen Hauptzollamt Braunschweig, ECLI:EU:C:2024:59
