formeel:horen
This is an old revision of the document!
Table of Contents
Horen
1. Aantekeningen
2. Regelgeving
3. Jurisprudentie
- Glencore
HvJ 16 oktober 2019, C-189/18, Glencore Agriculture Hungary Kft. tegen Nemzeti Adó- és Vámhivatal Fellebbviteli Igazgatósága, ECLI:EU:C:2019:861
42. Het recht om te worden gehoord, dat integraal deel uitmaakt van de eerbiediging van de rechten van de verdediging, waarborgt dat eenieder in staat wordt gesteld zijn standpunt naar behoren en effectief kenbaar te maken in het kader van een administratieve procedure en voordat een besluit wordt genomen dat zijn belangen kan schaden. Volgens de rechtspraak van het Hof heeft de regel dat aan de adressaat van een bezwarend besluit de gelegenheid moet worden gegeven om zijn opmerkingen kenbaar te maken voordat dit besluit wordt genomen, tot doel de bevoegde instantie in staat te stellen naar behoren rekening te houden met alle relevante gegevens. Die regel beoogt met name, ter verzekering van de effectieve bescherming van de betrokken persoon, deze laatste in staat te stellen om een vergissing te corrigeren of individuele omstandigheden aan te voeren die ervoor pleiten dat het besluit wordt genomen, niet wordt genomen of dat in een bepaalde zin wordt besloten (arrest van 5 november 2014, Mukarubega, C‑166/13, EU:C:2014:2336, punten 46 en 47 en aldaar aangehaalde rechtspraak) - Hoge Raad 18 juni 2021, nr. 20/03667, ECLI:NL:HR:2021:966 (Hoorplicht, rechten verdediging)
2.5.4 Het is niet voor redelijke twijfel vatbaar dat noch artikel 47 van het Handvest noch het Unierechtelijke beginsel van eerbiediging van de rechten van verdediging zich verzet tegen een bepaling als artikel 8:54 Awb op grond waarvan de bestuursrechter ter bevordering van een efficiënte rechtspleging de mogelijkheid wordt geboden te besluiten om uitspraak te doen zonder de belanghebbende op een zitting te horen wanneer hij tot de conclusie komt dat het beroep kennelijk ongegrond is.
Artikel 8:54 Awb is evenmin in strijd met het Unierechtelijke beginsel van doeltreffendheid. De toepassing van deze bepaling maakt de uitoefening van de door het Unierecht verleende rechten in de praktijk niet onmogelijk of uiterst moeilijk.
Opmerking verdient nog (i) dat het rechtsmiddel van verzet openstaat tegen een uitspraak als bedoeld in artikel 8:54, lid 2, Awb, (ii) dat de indiener van het verzetschrift op zijn verzoek in de gelegenheid wordt gesteld op een terechtzitting te worden gehoord, tenzij de bestuursrechter van oordeel is dat het verzet gegrond is, en (iii) dat de bestuursrechter ook de indiener van een verzetschrift die daar niet om verzocht heeft in de gelegenheid kan stellen op een terechtzitting te worden gehoord (zie hiervoor in 2.4.2). Van deze bevoegdheid moet de bestuursrechter gebruik maken in alle gevallen waarin het vereiste van een behoorlijk proces daartoe aanleiding geeft.8
4. Literatuur
formeel/horen.1774952267.txt.gz · Last modified: by avdoesum
