Site Tools


vrijstellingen:sport

Sport

1. Aantekeningen


2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

  • Město Žamberk
    HvJ 21 februari 2013, Zaak C‑18/12, Město Žamberk tegen Finanční ředitelství v Hradci Králové, thans Odvolací finanční ředitelství, ECLI:EU:C:2013:95, V-N 2013/15.17
    22 Het is voor de toepassing van artikel 132, lid 1, sub m, van de btw-richtlijn evenmin vereist dat de sportactiviteit op een bepaald niveau wordt beoefend – bijvoorbeeld op professioneel niveau – en evenmin dat de betrokken sportactiviteit op een bepaalde manier wordt beoefend, te weten op regelmatige basis, in georganiseerd verband of met het oog op deelneming aan sportcompetities, voor zover deze activiteit evenwel niet louter ter ontspanning en vermaak wordt uitgeoefend.
    23 Artikel 132, lid 1, sub m, van de btw-richtlijn heeft tot doel, bepaalde activiteiten van algemeen belang, te weten diensten die nauw samenhangen met de beoefening van sport of met lichamelijke opvoeding, die door instellingen zonder winstoogmerk worden verstrekt ten behoeve van personen die aan sport of lichamelijke opvoeding doen, te bevorderen. Deze bepaling beoogt dus de beoefening van sport of lichamelijke opvoeding door brede lagen van de bevolking te bevorderen.
  • Het begrip ‘sport’ in de omgangstaal duidt doorgaans op een lichamelijke activiteit of, met andere woorden, op een activiteit die wordt gekenmerkt door een niet te verwaarlozen lichamelijke component (Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) 26 oktober 2017, The English Bridge Union Limited, ECLI:EU:C:2017:814, r.o. 22)

—-

4. Literatuur


vrijstellingen/sport.txt · Last modified: by avdoesum · Currently locked by: 216.73.217.59,172.17.0.1